Wanneer krijg jij AOW? Het is een vraag waar veel mensen het antwoord op denken te weten — en er net naast zitten. De AOW-leeftijd is de afgelopen jaren flink verschoven, en hij ligt niet voor iedereen gelijk. Goed nieuws: tot ver in de jaren dertig staat hij nu vast, dus je kunt eindelijk echt plannen.

Dit is het actuele overzicht voor 2026 en 2027, met de exacte leeftijden en wat ze voor jou betekenen.

67 jaar
AOW-leeftijd 2025–2027
67 + 3 mnd
Vanaf 2028 t/m 2031
5 jaar
Vooraf vastgesteld bij wet

De AOW-leeftijd per jaar

De overheid stelt de AOW-leeftijd vijf jaar van tevoren vast, zodat je weet waar je aan toe bent. Zodra de leeftijd voor een jaar is vastgesteld, kan hij niet meer veranderen. Dit is de stand voor de komende jaren:

De stijging naar 67 jaar en 3 maanden gebeurt dus in 2028. Daarna blijft de leeftijd voorlopig stabiel. Ben je geboren vóór 1 oktober 1964? Dan staat jouw AOW-leeftijd nu definitief vast.

Let op het verschil: de AOW-leeftijd in een kalenderjaar is iets anders dan jouw persoonlijke AOW-leeftijd. Die laatste hangt af van je geboortedatum en -maand. Wil je het exact weten voor jouw situatie? Vul je geboortedatum in op svb.nl/aowleeftijd — dat is de officiële rekentool.

Waarom stijgt de AOW-leeftijd eigenlijk?

Simpel gezegd: we leven steeds langer. Toen de AOW in 1957 werd ingevoerd, kreeg je 'm op je 65e en leefde de gemiddelde Nederlander daarna nog een jaar of veertien. Inmiddels leven we veel langer, waardoor er per gepensioneerde minder werkenden zijn die meebetalen. Om de AOW betaalbaar te houden, koppelde de overheid de leeftijd aan de levensverwachting.

Sinds het Pensioenakkoord van 2019 stijgt de leeftijd minder hard dan vroeger: voor elke 4,5 maand dat we naar verwachting langer leven, gaat de AOW-leeftijd met 3 maanden omhoog — niet één-op-één meer.

AOW en je pensioen: niet hetzelfde

Hier gaat het vaak mis. De AOW is het basispensioen van de overheid, dat iedereen krijgt die in Nederland heeft gewoond of gewerkt. Daarnaast is er het werkgeverspensioen dat je via je baan opbouwt. Die twee hebben verschillende ingangsleeftijden: de fiscale pensioenrichtleeftijd voor werkgeverspensioen is 68 jaar, terwijl de AOW op 67 (straks 67 jaar en 3 maanden) ingaat.

Wil je weten hoe je volledige pensioen is opgebouwd, lees dan onze uitleg over wat je pensioen precies opbouwt.

Hoeveel AOW krijg je?

De hoogte hangt af van je situatie. Een alleenstaande krijgt een hoger AOW-bedrag dan iemand met een partner. Globaal ligt de netto-AOW voor een alleenstaande rond de 1.450 euro per maand, en voor gehuwden/samenwonenden lager per persoon. De exacte, actuele bedragen vind je op svb.nl — ze worden twee keer per jaar aangepast.

Voor de meeste mensen is de AOW alléén niet genoeg om hun levensstijl voort te zetten. Daarom is een aanvullend pensioen of eigen opbouw belangrijk — zeker als je zzp'er bent en zelf je pensioen moet regelen.

Kun je eerder stoppen met werken?

Ja, maar je AOW begint pas op je AOW-leeftijd — geen dag eerder. Wil je daarvoor stoppen, dan moet je die periode zelf overbruggen met spaargeld, vervroegd werkgeverspensioen of ander vermogen. Je werkgeverspensioen kun je vaak wél eerder laten ingaan, maar dan valt het maandbedrag lager uit omdat het over meer jaren wordt uitgesmeerd.

Wie droomt van eerder stoppen, komt al snel uit bij het idee van financiële onafhankelijkheid. Hoe realistisch dat is, lees je in onze gids over FIRE voor gewone Nederlanders.